Bewoners NieuwsBrief
 
zes - 2001

Inhoudsopgave:

 

 

  voorwoord
Beste bewoners,
Op het moment dat u deze zesde uitgave van de BewonersNieuwsBrief leest, is de vergadering van de gemeenteraad die begonnen is op 19 maart over het rapport van de Commissie Oosting hoogstwaarschijnlijk afgerond. Niettemin kunt u het persbericht van B en W waarin de reactie staat op de conclusies van Oosting in deze brief nalezen. Het persbericht is een samenvatting van de nota ‘de vuurwerkramp van 13 mei 2000.’ De integrale tekst van deze nota kunt u lezen via de internetsite van de Gemeente Enschede: www.enschede.nl.

Het rapport van de commissie Oosting en nu weer de behandeling in de gemeenteraad is voor veel mensen als een film van de gebeurtenissen van 13 mei en de dagen daarna die weer wordt afgedraaid. Daarom een advies over hoe om te gaan met die beelden; wel of niet kijken?
Verder uw aandacht voor een tweetal vergunningen die ter inzage liggen. Het gaat om vergunningen die nodig zijn om het rampgebied te kunnen saneren.
De BewonersNieuwsBrief zal in mei worden voorzien van een nieuw jasje. Bovendien komt er dan een brede redactie die verantwoordelijk is voor de inhoud. Tot nu toe lag bij het IAC verantwoordelijkheid voor de uitgave en de redactie in één hand. Wat de lezers vinden van de BewonersNieuwsBrief wordt in de loop van april onderzocht door middel van een telefonische enquête.

terug naar inhoudsopgave
  Informatie en Opvang
Informatie- en Advies Centrum (IAC) – Molenplein
U vindt het IAC aan het Molenplein 1. Hier kunt u met al uw vragen terecht. Natuurlijk kunt u er ook gewoon even binnenlopen voor een praatje of een luisterend oor. De medewerkers van het IAC helpen u graag.

Openingstijden IAC – Molenplein:

  • Op werkdagen: 9.00 uur tot 17.00 uur
  • Op donderdagen: 9.00 uur tot 19.00 uur
  • Op de zaterdag en zondag is het IAC gesloten.

U kunt het IAC ook bellen. Het telefoonnummer is 0800-1100 (gratis). Bent u slecht ter been of heeft u niet de mogelijkheid naar het IAC te komen dan bezoekt het IAC u thuis. Voor een afspraak kunt u bellen met 0800-1100.

IAC via teletekst RTV Oost: 547
Nu ook nieuws, mededelingen, informatie en achtergronden via teletekst RTV Oost, pagina 547. De informatie kan dagelijks wisselen.

terug naar inhoudsopgave
  De Opbouw op Enschede - FM
Wekelijks zijn er uitzendingen via Enschede FM met informatie, gesprekken en actualiteiten over de nasleep van de ramp. Op woensdag van 19.00 tot 20.00 uur (kabel 87.5; ether 105.1) met een herhaling op de zondagavond, zelfde tijdstip.
Iedere week staat een thema centraal. Een deel van het programma is in het Turks en het Marokkaans.
Op woensdag 21 maart (met een herhaling op zondag 25 maart) gaat het over het monument.
Op woensdag 28 maart (met een herhaling op zondag 1 april) komen medewerkers van het Gezondheidsinfopunt in de uitzending. Dit infopunt is ondergebracht in het IAC.
de tijdstip. Iedere week staat een thema centraal. Een deel van het programma is in het Turks en het Marokkaans.
terug naar inhoudsopgave
  O E D I P U S

- TRAGEDIE VAN EEN STAD –
HUGO CLAUS
REGIE: GODFRIED BEUMERS

Enschede is een stad die getroffen werd door een ramp… Getroffenen en bestuurders moeten hun verantwoordelijkheid nemen en hun lot dragen.
"Oedipus" vertelt een andere tragedie- die van de pest, in een andere stad - Thebe, met een andere heerser – Oedipus, en een ander volk… maar met dezelfde vragen!
Thebe – een stad getroffen door de pest. Oedipus, koning van Thebe, moet en zal de oorzaak van de ramp achterhalen: de onderste steen moet boven komen.
Hoe gaat de mens om met schuld en verantwoordelijkheid? Hoe gaat hij om met het noodlot?
Hoe draagt de mens het ondraaglijke?

30, 31 MAART EN 6, 7 APRIL AANVANG: 2O.30 UUR
1 EN 8 APRIL AANVANG: 14.30 UUR
GOBELINZAAL RIJKSMUSEUM TWENTHE ENSCHEDE

Na afloop van de voorstelling is er de mogelijkheid voor het publiek om met elkaar en de regisseur en spelers na te praten in het Museumcafé van het Rijksmuseum Twenthe.

gratis kaarten te reserveren bij V.V.V. tijdens kantooruren (tel.: 053 – 4323200)
Voor zover nog beschikbaar ook 1 uur voor aanvang van de betreffende voorstelling aan de balie van het Rijksmuseum Twenthe.

terug naar inhoudsopgave
  Vergunningen i.v.m. sanering
In verband met de saneringswerkzaamheden op het rampterrein moeten vergunningen aangevraagd worden. Daarom vraagt het bestuur van de provincie Overijssel en het bestuur van het Waterschap Regge en Dinkel uw aandacht voor de volgende aanvragen voor een vergunning. Om het officieel te zeggen: het gaat hier om ontwerpbeschikkingen in het kader van de wet milieubeheer en de wet verontreiniging oppervlaktewateren.
Gedeputeerde Staten van Overijssel maken, mede namens het dagelijks bestuur van het Waterschap Regge en Dinkel, bekend dat de Bouw- en Milieudienst van de gemeente Enschede, Molenstraat 50 te Enschede de volgende vergunningsaanvragen heeft ingediend.
  1. Bij Gedeputeerde Staten van Overijssel een aanvraag om een vergunning ingevolge de Wet milieubeheer voor de verwerking van puin en ander afval, afkomstig uit het rampgebied van de gemeente Enschede.
  2. Bij het dagelijks bestuur van het Waterschap Regge en Dinkel een aanvraag om een vergunning ingevolge de Wet verontreiniging oppervlaktewateren voor het lozen van het gezuiverde water afkomstig van de wasinstallatie voor het wassen van puin- en sloopafval van het rampgebied Enschede, via de riolering en de rioolwaterzuiveringsinstallatie Enschede-West op de waterloop 20-12-0-1 (Broeierdbeek).

Op basis van de Wet milieubeheer vindt een gecoördineerde behandeling plaats van beide vergunningsaanvragen.
Het voornemen bestaat de gevraagde vergunningen onder het stellen van voorschriften te verlenen.

Ter inzage
De aanvragen met de daarbijbehorende stukken en het ontwerp van de beschikking(en) liggen vanaf 23 maart 2001 ter inzage op werkdagen van 08.00 uur tot 13.30 uur bij de Publieksbalie van de Bouw- en Milieudienst, Molenstraat 50 te Enschede en eveneens buiten deze uren na telefonische afspraak (telefoon 053 481 87 81 of 481 87 82 of 481 87 84). De tekst van de ontwerpbeschikking in het kader van de Wet milieubeheer en de daarbijbehorende voorschriften kunt u ook lezen op de website van de provincie: www.overijssel.nl , hoofdlink publicaties De vergunningsaanvraag en het ontwerp van de beschikking ingevolge de Wet verontreiniging oppervlaktewateren liggen eveneens ter inzage bij het Waterschap Regge en Dinkel, Kooikersweg 1 te Almelo, op werkdagen van 09.00 uur tot 12.00 uur en van 13.30 uur tot 16.00 uur, buiten deze uren na telefonische afspraak (telefoonnummer 0546 83 25 05).

Schriftelijke bedenkingen
Vanaf 23 maart 2001 tot en met 20 april 2001 kunt u gemotiveerde bedenkingen tegen het ontwerp van de beschikking(en) schriftelijk inbrengen. Tegen het ontwerp van de beschikking op grond van de Wet milieubeheer bij Gedeputeerde Staten van Overijssel, Postbus 10078, 8000 GB Zwolle.
Tegen het ontwerp van de beschikking op grond van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren bij het dagelijks bestuur van het Waterschap Regge en Dinkel, Postbus 5006, 7600 GA Almelo.
De ingekomen bedenkingen worden ook ter inzage gelegd.
Uw persoonlijke gegevens worden niet bekend gemaakt als u daarom in een afzonderlijke brief vraagt.

Mondelinge bedenkingen
Als er belangstelling voor bestaat, dan organiseren Gedeputeerde Staten een gedachtenwisseling over de ontwerpbeschikking(en). Daarbij kunt u mondeling bedenkingen tegen de ontwerpbeschikking(en) inbrengen. Een verzoek om een gedachtewisseling kunt u gedurende de inzagetermijn telefonisch doen, bij voorkeur zo spoedig mogelijk na het ingaan van de termijn voor het inbrengen van bedenkingen (telefoonnummer 038 425 14 61).
De bijeenkomst zal dan worden gehouden op een nog nader door Gedeputeerde Staten vast te stellen plaats en tijdstip.

Beroep
Alleen degenen, die tijdig bedenkingen tegen het ontwerp van de beschikking(en) hebben ingebracht kunnen later beroep tegen de definitieve beschikking(en) instellen.
Daarnaast bestaat eveneens de gelegenheid tot beroep voor degenen die bedenkingen hebben tegen eventuele wijzigingen die bij het nemen van het besluit ten opzichte van het ontwerp zijn aangebracht, alsmede belanghebbenden die aantonen dat zij redelijkerwijs niet in staat zijn geweest tijdig bedenkingen in te brengen tegen het ontwerp van de beschikking.

Inlichtingen
Voor nadere inlichtingen over de procedure vanwege de Wet milieubeheer kunt u contact opnemen met de heer A.D.de Bruijne van de Provincie Overijssel, telefoonnummer 038 425 14 61. Als u vragen hebt over procedure in verband met de Wet verontreiniging oppervlaktewateren, dan kunt u contact opnemen met de heer H. ter Denge van het Waterschap Regge en Dinkel, telefoonnummer 0546 83 25 05.

terug naar inhoudsopgave
  De schutting in een prentenboek
Beeldend kunstenaar Ruth Lowie maakte foto's van schilderingen op de houten schutting rond het rampgebied. Zij koos er 21 uit die ze - zonder commentaar - in een boek bijeenbracht. Het boek is van een voorwoord voorzien door burgemeester Mans en mevrouw Smit, de directrice van Montessorischool 'Het Zeggelt'.
Dit bijzondere prentenboek legt voorgoed vast wat anders verloren zou gaan: de zo vertrouwd geworden schutting zal immers afgebroken worden en verdwijnen uit het straatbeeld. Wie heeft er niet staan kijken naar die ontroerende, veelzeggende uitingen van kinderen uit het rampgebied. Dit boek biedt u de gelegenheid deze beelden te bewaren en, zoals burgemeester Mans zegt,' te koesteren'. Het is een authentieke weergave van een gebeurtenis die niet vergeten mag worden.

Bestellen
U kunt één of meer exemplaren van het boek 'Knal-Boem' nu al bestellen. Het boek wordt zonder winstoogmerk uitgegeven. De prijs van dit unieke prentenboek is slechts f 17,50 als u het nu bestelt. Na verschijning (12 mei) is de prijs f 19,50. Wacht u niet te lang! De voorraad is zeer beperkt!
Maak het totaal verschuldigde bedrag over op bankrekeningnummer 59.22.07.676 op naam van de Stichting 'Boekje Open' in Enschede onder vermelding van het aantal.
Het ligt vanaf 8 mei voor u klaar bij boekhandel Broekhuis, Marktstraat 1 in Enschede. U kunt het boek ook laten opsturen door tegelijk de verzendkosten à f 8,- op genoemd rekeningnummer over te maken.
Meer informatie? Bezoek de website: www.knal-boem.f2s.com  Stichting ‘Boekje Open’
Secretariaat: Noorderhagen 38, 7511 EL Enschede. Telefoon: 053 – 430 49 46
E-mail: r.lowie@home.nl

terug naar inhoudsopgave
  Monument in het Rijksmuseum
Op zondag 25 maart is er een presentatie in het Rijksmuseum Twenthe. Op deze dag staan de meer dan 60 ingediende suggesties en ideeën voor een monument ter nagedachtenis aan de ramp van 13 mei centraal. Deze plannen voor een monument zijn door de indieners op heel verschillende manieren uitgewerkt. Sommige kinderen hebben zich beperkt tot een fraaie tekening, terwijl anderen hele constructies tot in detail uitgewerkt hebben. De opstelling in de zalen van het Rijksmuseum biedt een goed overzicht van de ideeën en verwachtingen die de indieners hebben van een monument.
Tussen 13.00 en 16.00 uur zijn alle ‘indieners’ uitgenodigd om een toelichting te geven op hun ontwerp of suggestie. Ook de 7 leden van het comité dat een selectie moet maken voor de gemeenteraad geven acte de presence.
Om 13.00 uur komt Frans de Lugt, journalist van het dagblad De Twentsche Courant Tubantia en auteur van het boek ‘De ramp van Enschede,’ aan het woord. Hij houdt een korte toespraak over de betekenis van herinneringen die worden weerspiegeld in een monument.
Ook tijdens deze dag krijgen bezoekers de gelegenheid om hun mening kenbaar te maken en hun voorkeur uit te spreken voor één der gedane suggesties. Deze meningen worden meegewogen door het comité. Deze reactietermijn loopt af op 31 maart. Dus degenen die nog niet gereageerd hebben doen er goed aan 25 maart langs te gaan bij het Rijksmuseum.

Koffie en thee staan klaar. Er is kinderopvang aanwezig

terug naar inhoudsopgave
  Gedicht: "Tien maanden later" 

Bijna al een jaar geleden,
Is het dat de ramp ons trof.
Er is heel wat afgebeden,
Toch blijft nog ons harte dof.

Zou het ooit weer beter worden,
Het gemoed weer vrolijk zijn?
Wat van binnen toen verdorde,
Zal ’t herstellen, vrij van pijn?

Zal de vraag: hoe kon dit alles?
Eens beantwoord zijn, of nooit?
Als dat eens hier het geval is,
Krijgt de wijk dan rust, ja ooit?

Heel veel vragen blijven over,
Maar het meest: wie heeft de schuld?
Steeds komt ‘deze’ weer naar boven,
Maar ‘k moet wachten vol geduld.

Heeft de Schepper aller dingen,
Hierin soms de hand gehad?
Kwam, wat wij toen ondergingen,
Door Hem op ons levenspad?

Eén ding wil ik duid’lijk stellen,
Dat Hij die dit mooi eens schiep.
Ons als schepsel nooit zal kwellen,
Hij die ons tot leven riep.

God wil enkel heel veel geven,
Veel geluk op deze aard.
En zelfs straks het Eeuwig Leven,
Dat was zelfs zijn Zoon Hem waard.

Ook de oorlog is Zijn wens niet,
Al dat moorden keurt Hij af.
Hij die alles lang vooruit ziet,
Treft de mensheid niet met straf.

Heel vaak hoort men nu nog zeggen,
‘k was toevallig daar of daar.
Kan men dat ook zó uitleggen,
God beschermde mij, da’s klaar.

Maar de schuldvraag blijft verborgen,
Voor ons allen groot en klein.
Toch zal er eens op een morgen,
Duid’lijkheid voor ’n ieder zijn.

 

Geschreven door: G.F.Keurentjes, Enschede.

terug naar inhoudsopgave
  Beelden over de ramp: wel of niet kijken?
Regelmatig wordt er op televisie en in de krant aandacht besteed aan de vuurwerkramp. Dat gaat vaak gepaard met foto- en filmmateriaal. Soms wordt u er door verrast, soms kunt u ook zelf bepalen of u iets wilt zien. Zoals bijvoorbeeld de presentatie van het rapport van de Commissie Oosting en de behandeling van dat rapport in de gemeenteraad op 19 maart jl.
Als u de ramp zelf heeft meegemaakt kan het kijken naar beelden of het horen van vuurwerkgeluiden emoties opwekken. Na het zien van foto’s, films of dia’s kunt u misschien angstig worden of verdrietig, of boos. Herinneringen kunnen weer levendig worden, zo sterk dat zelfs lichamelijke gevoelens die u tijdens de ramp had weer helemaal terug kunnen komen.
Enkele tips voor het omgaan met beeldmateriaal zijn:
  • U bepaalt zelf of u wilt kijken of niet. Voor de één helpt het bij de verwerking, voor de ander is het teveel. Niet kijken kan een prima keus zijn.
  • Vooral als u zich kwetsbaar voelt is het raadzaam om niet te gaan kijken.
  • Als u gaat kijken, kunt u dat het beste doen samen met anderen. U kunt met hen na afloop praten.
  • Wordt het tijdens de vertoning teveel, loop dan gewoon (even) weg. U hoeft niet te blijven kijken als u niet wilt.

Hoewel de emoties vaak onplezierig zijn, wijzen ze meestal niet op iets ernstigs. Het zijn pijnlijke, maar normale reacties. Soms komen de emoties gewoon, ook al heeft u er goed over nagedacht en ook al heeft u anderen meegenomen. Troostende woorden van anderen en even kunnen vertellen hoe u zich voelt, is meestal voldoende om de emoties wat milder te maken. Soms nemen de gevoelens niet meteen af. Als ze lang (dagen) aanhouden, is het verstandig om naar een deskundige te gaan. Uw huisarts of het Algemeen Maatschappelijk Werk zijn hiervoor de aangewezen professionele hulpverleners.

(bron: Mediant)

terug naar inhoudsopgave
  Helpdesk stichtingen, verenigingen, instellingen en kunstenaars
Zoals u in bewonersnieuwsbrief nr. 4 heeft kunnen lezen, zijn onlangs de dossiers van de helpdesk voor kunstenaars, verenigingen, stichtingen en instellingen overgedragen aan het IAC. Voorheen waren deze gedupeerden ondergebracht bij de helpdesk voor ondernemers. Om deze helpdeskfunctie goed te kunnen beheren is er een coördinator aangesteld die op dinsdag en woensdag aanwezig is in het IAC om schade te registreren en inventariseren en naar passende oplossingen te zoeken. Daarnaast zorgt deze coördinator voor contacten met - en afstemming tussen de gemeentelijke diensten.
Het schadebedrag dat niet- of onderverzekerd is, zal worden vastgesteld door een expert. Dat bedrag vormt het uitgangspunt bij de vaststelling van een eventuele tegemoetkoming in een regeling. Daarbij wordt zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij de systematiek en normen van eerder opgestelde financiële regelingen. Ook schade als (extra) kosten ten gevolge van de vuurwerkramp worden in de beoordeling meegenomen.

Stichtingen en verenigingen
Een groot deel van de stichtingen en verenigingen heeft zich inmiddels al ergens laten registreren; hetzij bij de helpdesk voor ondernemers, bij het IAC, of bij andere gemeentelijke diensten. Al deze gegevens zijn overgedragen aan de coördinator. Sommige stichtingen en verenigingen hebben inmiddels een intakegesprek gehad; anderen worden daar binnenkort voor benaderd.

Instellingen
Vanwege de diversiteit van deze groep is besloten dat een afzonderlijke regeling geen oplossing zou bieden, maar dat er individueel naar oplossingen gezocht moet worden. Ook deze instellingen zullen door de coördinator benaderd worden voor een intakegesprek om de problematiek in kaart te brengen. Een aantal van deze instellingen is reeds benaderd door het Bureau Coördinatie Expertise (BCE), om in opdracht van de coördinator de schade vast te stellen.

Kunstenaars
Voor de groep kunstenaars bestaat een tweetal regelingen, de zogenoemde Ondernemersregeling en de Inboedelregeling Particulieren.
De ondernemersregeling is bedoeld voor kunstenaars die beroepsmatig met hun werk bezig zijn. Belangrijk is dat in deze regeling een tegemoetkoming voor inkomstenderving is opgenomen (in tegenstelling tot de particuliere regeling).
De Inboedelregeling Particulieren is bedoeld voor kunstenaars die niet in aanmerking komen voor de ondernemersregeling. Bijvoorbeeld studenten die wel een bepaalde mate van inkomen uit hun beroepsuitoefening en niet onder een andere regeling vallen. Onder deze regeling wordt echter alleen zaakschade behandeld (dus geen inkomstenderving).
Vorige week is er een brief verstuurd naar alle gedupeerde kunstenaars. Daarin worden kunstenaars die zich nog niet hebben aangemeld voor een tegemoetkoming in de geleden schade, dringend verzocht dat alsnog te doen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met het IAC, Molenplein 1, Enschede. Telefoon: 0800 – 1100 (gratis).

terug naar inhoudsopgave
  Nota ‘De Vuurwerkramp van 13 mei 2000’ naar Gemeenteraad van Enschede
Het College van Burgemeester en Wethouders van Enschede heeft de nota ‘De Vuurwerkramp van 13 mei 2000’ aan de Gemeenteraad gestuurd. In deze nota legt het College als collectief en leggen de collegeleden afzonderlijk, verantwoording af over de gebeurtenissen voor en na de vuurwerkramp. In de nota en het daarover te voeren debat in de Gemeenteraad gaat het om de politieke verantwoordelijkheid voor de vuurwerkramp en de politieke conclusies die de Gemeenteraad op dit punt trekt. Het oordeel over de juridische aansprakelijkheid is voorbehouden aan de rechter. Voorop stelt het College dat het zich verantwoordelijk voelt voor de veiligheid in de gemeente: ‘Een verantwoordelijkheid die wij ook voelden vóór de verschrikkelijke vuurwerkramp op 13 mei 2000 en waaraan wij naar eer en geweten – met de kennis en inzichten van dat moment – invulling hebben gegeven’.
De Gemeenteraad van Enschede bespreekt het raadsstuk in zijn vergadering van maandag 19 maart. De vergadering begint om 14.00 uur.
Burgemeester en Wethouders zijn zich ervan bewust dat het rapport van de Commissie Onderzoek Vuurwerkramp (Commissie Oosting) opnieuw veel pijn heeft veroorzaakt bij allen die door de vuurwerkramp zijn getroffen en dat het verwerkingsproces bij velen nog niet is afgerond. Zij willen daar zorg en aandacht aan besteden en er, waar mogelijk, bij proberen te helpen. Hoewel het goed is dat er nu een rapport ligt dat antwoord geeft op vele bij slachtoffers levende vragen, realiseert het College zich dat met het rapport nooit alle vragen beantwoord zijn. ‘Zo blijft vooralsnog de vraag bestaan wat nu geleid heeft tot het eerste brandje. Ongetwijfeld zullen weer nieuwe vragen opdoemen.’, aldus het College van B. en W.
Het rapport van de Commissie Onderzoek Vuurwerkramp sluit voor de Gemeente Enschede een periode af, maar markeert tegelijkertijd het begin van een nieuwe fase. Het rapport schept voor de gemeente de nodige verplichtingen en roept op sommige punten op tot actie. Veel is overigens al in gang gezet, maar er is meer nodig. Het College is van mening dat het rapport van de Commissie Oosting verplichtingen schept om ingezette acties krachtig voort te zetten en de komende maanden en jaren de door de commissie positief beoordeelde initiatieven ook daadwerkelijk te realiseren.
Er moet eens te meer werk worden gemaakt van de ‘zorgzame overheid’, niet alleen in woorden, maar ook in daden. Plannen en mooie initiatieven worden nogal gemakkelijk ontwikkeld, maar het vasthouden ervan is veel lastiger, aldus B. en W. Samen met de slachtoffers en hun belangenvereniging, andere betrokken overheden en publieke en private instellingen en de Gemeenteraad, wil het College een koers bepalen die het mogelijk maakt te leren van de vuurwerkramp.

Nuanceringen en aanvullingen
Het College van B. en W. herhaalt in de nota zijn constatering van 28 februari j.l. (de dag van het verschijnen van het rapport van de Commissie Oosting), dat de Commissie Onderzoek Vuurwerkramp een evenwichtig en grondig rapport heeft uitgebracht, en dat de erkenning past dat de Gemeente op een aantal punten tekort is geschoten. Dat wil niet zeggen dat B. en W. alle kritiek van de Commissie delen. In de nota ‘De Vuurwerkramp van 13 mei 2000’ nuanceren B. en W. een aantal constateringen in het rapport-Oosting en vullen zij andere aan.
Een deel van het bekritiseerde handelen heeft zich afgespeeld op het niveau van (gemandateerde) ambtenaren. Daarvoor neemt het College de volle verantwoordelijkheid. Het feit dat bekritiseerde handelingen op grond van mandaat zijn verricht, vormt voor het College echter geen aanleiding tot de conclusie dat het mandaatbesluit destijds ten onrechte is genomen. Wel zal meer aandacht moeten worden besteed aan de spelregels rondom mandaat, met name op het vlak van de bestuurlijke terugkoppeling.
Het College schetst in de nota de historische context waarmee een aantal gebeurtenissen van de afgelopen decennia rond SE Fireworks inzichtelijk kan worden gemaakt. In de jaren tachtig en negentig was Enschede een ‘Artikel 12-gemeente’. Door bezuinigingen en prioriteitskeuzen was ook het milieu-apparaat geminimaliseerd. Toen er in 1990 meer rijksgeld beschikbaar kwam voor de uitvoering van het milieubeleid, was een kwantitatieve inhaalslag op het gebied van vergunningverlening en handhaving mogelijk.
In de jaren negentig is milieu volop in de belangstelling gekomen, aldus het College in de nota. Er werden convenanten afgesloten met bedrijfstakken, waarbij het bedrijfsleven ook zijn eigen verantwoordelijkheid nam. De overheid kwam meer op afstand te staan.
In het kader van het MDW-traject (marktwerking, deregulering en wetgevingskwaliteit) gingen ambtenaren meer met het bedrijfsleven overleggen en meedenken. Klantvriendelijkheid was één van de toverwoorden van de jaren negentig: de overheid moest zoveel mogelijk ruimte scheppen voor de burger en het bedrijfsleven.
Daarmee komt de constatering van de Commissie Onderzoek Vuurwerkramp dat de Gemeente Enschede ‘bereid was tot legalisatie’ in ander daglicht te staan, aldus B. en W. Gebruikelijk was in die tijd dat bij geconstateerde afwijkingen tussen werkelijkheid en vergunningen in eerste instantie werd geprobeerd om de vergunning ‘aan te passen aan de werkelijkheid’. Uitspraken van de Raad van State ondersteunden deze aanpak.

De overheid heeft zich daarbij de afgelopen decennia maar beperkt beziggehouden met de veiligheidsrisico’s rondom vuurwerk. Ook de explosie van de vuurwerkfabriek in Culemborg in 1992, leidde niet tot nieuwe maatregelen op rijksniveau. Als gevolg daarvan bereikten de Gemeente ook nooit signalen over de risico’s van vuurwerkopslag.
In het hoofdstuk over SE Fireworks schetst het College van B. en W. de context rondom het bedrijf.
Het wijst erop dat in het kader van het bestemmingsplan ‘Enschede Noord’ al onderhandelingen met de eigenaar van SE Fireworks waren gestart. Enkele dagen voor de ramp waren de onderhandelingen over het vertrek van het bedrijf praktisch afgerond.
B. en W. constateren dat de vuurwerkramp in eerste instantie is veroorzaakt door fouten die bij het bedrijf zijn gemaakt. Zij citeren de Commissie Onderzoek Vuurwerkramp die stelt: ‘… zou er uitsluitend het vergunde vuurwerk hebben gelegen, dan had zich geen massa-explosie kunnen voordoen’.
Het College besteedt ook aandacht aan de rol van de wettelijk adviseur, de Directeur Materieel van de Koninklijke Landmacht (DMKL, ook wel bureau Milan genoemd). Het bureau heeft zijn adviestaak jegens de gemeente niet naar behoren vervuld. ‘Het is wrang te moeten constateren dat wij jarenlang vertrouwd hebben op een onvoldoende functionerend bureau’, aldus het College.
Inmiddels zijn maatregelen genomen op het gebied van vergunningverlening en –handhaving. De eerder in de Gemeenteraad van Enschede behandelde nota ‘Lessen uit de Vuurwerkramp’ laat zien dat veel aanbevelingen van de Commissie Oosting inmiddels zijn opgepakt.

Rampbestrijding
In het hoofdstuk ‘Rampbestrijding en gezondheidszorg’ licht het College o.a. de gang van zaken toe rond de risico-inventarisatie van bedrijven die ‘AVIV - advies milieu en veiligheid’ in opdracht van de Provincie Overijssel heeft uitgevoerd. Daarbij maakte het bureau voor de gehele provincie een onderscheid tussen vijf categorieën van aanbevolen maatregelen in geval van een ramp. Voor het bedrijf SE Fireworks werd geadviseerd ‘aanvalsplan aanbevolen’, een lage prioriteit voor deze sector van vuurwerkopslagbedrijven.
De brandweer maakte geen aanvalsplannen voor risicovolle objecten, maar hanteerde bevelvoerderskaarten. Vanaf 1999 werd gewerkt aan het inhalen van de achterstand die daarbij was opgelopen. In eerste instantie kregen met name de LPG-installaties prioriteit. Aangezien vuurwerkopslagbedrijven een lage prioriteit kenden en de capaciteit van de brandweer beperkt was, was er op 13 mei 2000 nog geen bevelvoerderskaart van SE Fireworks. Mede op basis van de AVIV-rapportage werden de risico’s voor vuurwerkopslagbedrijven immers laag inschat. In dit verband merkt het College nog op dat er volgens de vergunning alleen vuurwerk in de klasse 1.3 en 1.4 bij het bedrijf mocht liggen. Voor de brandweer was er daardoor geen aanleiding om met explosiegevaar rekening te houden.
B. en W. nuanceren de constatering van de Commissie Onderzoek Vuurwerkramp, dat er te weinig capaciteit voor de rampbestrijding op het rampterrein was. Aan de hand van een aantal gegevens (waaruit o.a. blijkt dat er een half uur na de fatale explosie 54 brandweerlieden en negen blusvoertuigen in het rampgebied aanwezig waren en 2,5 uur na de fatale explosie ongeveer 300 brandweerlieden), stelt het College dat – hoewel meer slagkracht goed was geweest – wél de nodige capaciteit aanwezig was. Met de Commissie Oosting concluderen B. en W. dat de hoeveelheid menskracht in ieder geval niet van invloed is geweest op het aantal slachtoffers.
Over de alarmcentrales van brandweer, politie en ambulancedienst merkt het College op dat deze zorgen voor de formele alarmering van de hulpverleningsdiensten. De RAC (brandweer) is ‘doorgeefluik’ met betrekking tot informatie uit korpsprocedures, een werkwijze die ook landelijk wordt gehanteerd. Het RMC (politie) heeft een regisserende of informatieve rol.

Op 13 mei 2000 heeft de RAC de signalen van de Officier van Dienst om snel op te schalen, niet goed verwerkt. Het College constateert dan ook – onder aanvoering van verzachtende omstandigheden als ontoereikende toerusting en veel inkomend verkeer – dat de RAC de rol van spin in het web die dag niet goed heeft vervuld. Het wijst erop dat enkele weken voor de ramp, op 10 april 2000, in het Veiligheidsberaad van de regionale brandweer Twente was besloten een onderzoek te doen naar de realisering van één meldkamer voor de drie hulpverleningsdiensten. Eind maart 2001 moet het Veiligheidsberaad besluiten over instelling van één zo’n meldkamer.
Het College erkent dat het te lang geduurd heeft voor op het rampterrein multidisciplinaire samenwerking was georganiseerd, maar vindt dat de Commissie Onderzoek Vuurwerkramp iets te weinig gevoel toont voor de hectiek van het moment. ‘De bekende remedie om nóg meer vooraf te regelen, te organiseren en te plannen biedt slechts in geringe mate soelaas. Iedere ramp is anders en kent zijn specifieke eigenaardigheden.’
Over de registratie van de slachtoffers is het College het eens met de commissie, dat die niet goed is verlopen. Gewezen wordt op een aantal verbeteringen die inmiddels op de rails zijn gezet en die voor een deel voortkomen uit de eigen gemeentelijke evaluaties (programmatuur, instructie van medewerkers, oefeningen e.d.).
Het College bestrijdt de stelling van de Commissie Oosting dat er niet genoeg aandacht is besteed aan de nazorg voor vrijwilligers. Het wijst met name op een bijeenkomst voor vrijwilligers in juli 2000, waar 600 van de 1200 uitgenodigde vrijwilligers aanwezig waren. Burgemeester en Wethouders onderschrijven wel de aanbeveling dat de rol van vrijwilligers bij de Regio Twente beter moet worden vastgelegd. Voorts benadrukken zij dat de hulpverlening voor iedereen in de stad toegankelijk is, niet alleen voor de mensen in de ‘binnenring’, en dat er extra aandacht uitgaat naar kwetsbare groepen, zoals allochtonen (met eigen hulpverleners).

Het College geeft toe dat het voor de bewoners van de ‘buitenring’ te lang heeft geduurd voordat ook zij werden erkend als slachtoffers van de ramp. Het wijst er op dat geprobeerd is – nadat na de zomer klachten op dit punt toenamen – met voorzieningen de onvrede weg te nemen, maar in sommige gevallen kon de ‘schade’ niet meer worden hersteld. Het College onderschrijft de aanbeveling van de Commissie Onderzoek Vuurwerkramp, gericht aan de rijksoverheid, om het initiatief te nemen voor een studie naar eventuele aanvullende voorzieningen in vormen van schade die door bestaande regelingen niet worden gedekt.

Verbeteringen
In het slothoofdstuk van de raadsnotitie releveert het College een aantal maatregelen ter verbetering die al in gang zijn gezet, bijvoorbeeld op het gebied van de (milieu)vergunningen. Zo zijn er nieuwe procedures vastgesteld voor de versterking van dwarsverbanden in de gemeentelijke organisatie, voor een tijdige betrokkenheid van de brandweer bij de beoordeling van (externe) veiligheidsrisico’s, voor een duidelijke rol van de bij vergunningverlening en -handhaving betrokken ambtenaren en voor een juiste en volledige documentatie/registratie als basis van een helder en stringent handhavingsbeleid.
Het College van B. en W. stelt met nadruk, zich ervan bewust te zijn dat het noodzakelijke herstel van vertrouwen van de burger in de overheid alleen tot stand kan komen als het voor de burger merkbaar wordt dat de Gemeente werkelijk lering trekt uit de rampzalige gebeurtenissen op 13 mei 2000. Daarvoor is ook een andere stijl van overheidshandelen noodzakelijk, met een strakkere handhaving.
Het College kondigt aan dat, waar het tot nu toe terughoudend was met handhavingsacties omdat er mogelijk van rechterlijke zijde zou kunnen worden gecorrigeerd, deze lijn niet meer zal worden gevolgd.
Ondernemers hebben hun eigen verantwoordelijkheid om binnen de wet- en regelgeving te opereren. De overheid moet de ondernemers daarop consequent kunnen aanspreken. Het College van B. en W. vertrouwt erop, dat de bestuursrechter die verantwoordelijkheid van de overheid zal erkennen en respecteren.

terug naar inhoudsopgave
  Ingekomen gedicht

"Onbegrip"

13 mei. Wat is 13 mei? Doe niet zo dom.
Je wordt er toch beter van. Hallo hoezo?
Wat beter van? Stel je niet zo aan.
Het is gebeurd.
Wat wil je nog?
Wat ik wil is dat mensen elkaars gevoelens begrijpen.

Geschreven door: Afina.

terug naar inhoudsopgave
  Rubriek belangenvereniging
Na het Rapport Oosting
De BSVE volgt de gang van zaken rond het rapport van de commissie Oosting, het afleggen van de bestuurlijke verantwoording door het college aan de raad, het standpunt van het kabinet, natuurlijk belangstellend en kritisch. Het standpunt van de BSVE hierin laat zich als volgt samenvatten:
  1. Geen zwarte pieten, maar duidelijkheid.
  2. Over de oorzaak van de ramp moet duidelijkheid komen. Het aandeel in de oorzaak en escalatie van de brand en de daarop volgende explosies dat elk van de partijen hierin had moet open besproken worden zonder daarbij voortdurend te verwijzen naar het aandeel van de andere partijen.
  3. Niemand mag hierop achteruitgaan.
  4. Deze ruimhartige norm van de minister-president is voor de meeste mensen behaald, niet in de laatste plaats door de giften van het gehele Nederlandse volk. Toch dreigen nu (en in de nabije toekomst) mensen buiten de boot te vallen. Het gaat daarbij om relatief kleine aantallen van gedupeerden. In sommige gevallen is de nood, de wanhoop, het verdriet en de teleurstelling echter enorm. Geen van deze mensen mag in de kou blijven staan. Deze problemen kunnen niet worden afgedaan met een: "Je kan het nooit iedereen naar de zin maken." Juist het feit dat zoveel mensen zo goed geholpen zijn werkt in de hand dat deze mensen het gevoel krijgen dat hun klacht als gezeur wordt afgedaan. Dat mag natuurlijk nooit gebeuren. Het karwij moet worden afgemaakt, even ruimhartig als het begonnen is: Niemand mag hierop achteruitgaan. Het is ondenkbaar dat er op 13 mei nog mensen in de kou staan omdat ze 'vergeten' zijn.
  5. De zorg voor en ondersteuning van de getroffen moet goed geregeld zijn, nu en in de toekomst.
  6. De ondersteuning van de getroffenen bij het hervinden van een 'gewoon' leven moet in voldoende mate voorhanden zijn. In veel gevallen zullen mensen actief benaderd moeten worden omdat blijkt dat bepaalde groepen niet gewend zijn om een beroep te doen op de hulpverlening. Er moet goed gekeken worden naar de redenen waarom mensen afhaken tijdens een hulpverleningstraject: het aanbod moet voortdurend aan de vraag worden aangepast. Uiteraard moet de continuïteit van de hulpverlening over een periode van jaren gewaarborgd zijn.
  7. De belangenorganisatie van de getroffenen (BSVE) moet over een termijn van jaren voldoende gefaciliteerd worden. De BSVE heeft zich meer dan eens uiterst kritisch opgesteld naar gemeentelijke en landelijke overheidsinstellingen. En terecht moeten we daarbij helaas stellen. Hoe belangrijk juist deze kritische deze rol van de BSVE is geweest voor de behoeft hier geen verdere uitleg. Daarnaast heeft de BSVE zich echter bewezen constructieve partner waar het gaat om ondersteuning van de getroffenen en vervult zij een unieke rol in de hulp en de nazorg. Het is daarom betreurenswaardig dat de ondersteuning van de BSVE zo moeizaam op gang kwam: veel problemen waren sneller oplosbaar geweest of hadden zelfs voorkomen kunnen worden wanneer de BSVE op de juiste wijze was gefaciliteerd. Het is bemoedigend om te merken dat de noodzaak tot en wenselijkheid van een voldoende ondersteuning door diverse partijen erkend en onderschreven wordt.

Aangezien veel partijen hebben uitgezien naar en gewacht op het verschijnen van het rapport Oosting gebeurt er nu heel veel en heel snel. Het is onmogelijk om in deze bewonersbrief te reageren op de actualiteit van de dag. We verwijzen hiervoor nog eens naar onze teletext-pagina's op RTV-Oost (p. 546).

Praatgroepen lotgenoten
In samenwerking met de Belangenvereniging Slachtoffers van de Vuurwerkramp bieden Humanitas en het Humanistisch Verbond de mogelijkheid om in praatgroepen met lotgenoten te praten over de gevolgen van de ramp voor hen persoonlijk leven.
De praatgroepen worden begeleid door Margriet Meijling en Gonnie Bikker, beiden Humanistisch raadsvrouw.
Gebleken is dat er behoefte bestaat aan het uitwisselen van ervaringen en om te praten over vragen die te maken hebben met de ramp en te horen hoe anderen daar mee omgaan. Het is vaak veel makkelijker om aan lotgenoten te vertellen wat je dwars zit dan aan een "buitenstaander". Je zit min of meer in hetzelfde schuitje en dan heeft de ander al aan een half woord genoeg om te begrijpen wat je bedoelt.
De groepsgesprekken zullen gehouden worden in een buurtcentrum in series van 5 bijeenkomsten met een tussenperiode van twee weken en nog een 6e bijeenkomst na ongeveer een halfjaar. Afhankelijk van de voorkeur van de deelnemers zullen de bijeenkomsten morgens, 's middags of 's avonds plaats vinden.
Het aantal deelnemers zal ongeveer 8 zijn.
Er zal een voorgesprek plaats vinden met ieder die zich opgeeft om elkaar te informeren over wensen, verwachtingen en mogelijkheden.
Deelname aan de praatgroepen is gratis. U kunt zich aanmelden voor opgave of nadere informatie bij Marian Freriksen, BSVE 053 – 4340374 ‘s morgens van 8.30 uur tot 10.00 uur.

Getuigenverhoren in Den Haag
Binnenkort worden weer een aantal getuigen gehoord in het kader van de mogelijke aansprakelijkstelling van de overheid. De BSVE heeft altijd een uitgesproken voorkeur gehad voor een collectieve regeling van de door de ramp veroorzaakte letselschade en heeft zich daarom altijd terughoudend opgesteld ten aanzien van deze verhoren. (Uiteraard heeft de BSVE deze met belangstelling gevolgd.) Nu heeft echter ook de commissie Oosting aangedrongen op een dergelijke regeling 'als een uiting van solidariteit van de samenleving'. De BSVE is verheugd over de opening die hiermee is gecreëerd en positieve politieke signalen die wij hierover hebben ontvangen. De BSVE rekent er op dat de politiek haar solidariteit op deze wijze even ruimhartig zal vormgeven en is bereid alle medewerking hieraan te verlenen. Een en ander neemt uiteraard niet weg dat wij de openbare getuigenverhoren evenals andere belangwekkende rampgerelateerde zaken belangstellend zullen blijven volgen.

Adres en telefoon:
BSVE
Drienerweg 35
7522 ER Enschede
Tel: 053 - 434 03 74
Fax: 053 - 431 94 31
E-mail: info@slachtoffersvuurwerkramp.nl

Spreekuurtijden:
Van maandag tot en met vrijdag is er een inloopspreekuur van 8.30 tot 10.00 uur op ons kantoor aan de Drienerweg. Het spreekuur op de woensdagavond van 19.00 tot 21.00 uur wordt nog steeds in wijkcentrum Het Kompas gehouden. U bent van harte welkom.

terug naar inhoudsopgave

Belangrijke adressen en telefoonnummers

Informatie en Adviescentrum Molenplein Molenplein 1
www.iac.enschede.nl 
Algemeen informatienummer  0800 1100 (dag en nacht bereikbaar)

Commissie Oosting 053 4805788
Stationsplein 11
spreekuren op di, wo en do van 10.00 uur tot 14.00 uur
www.co-vuurwerkramp.nl
Amicon Zorgverzekeraar 053 485 39 40 (dag en nacht bereikbaar)
Gezondheidsvragen 0800-1100
GGD Twente
Kamer van Koophandel 0800 0235328
(Bedrijvenloket 8.30-17.00 uur)
Politie (meldkamer) 053 455 55 55
Service Centrum Noord Zaanstraat 12
Peuterspeelzaal de Speeldoos 4350151
Deppenbroekstraat 5
Peuterspeelzaal Dikkertje Dap 4351638
Ijstraat 4
Montesori peutergroep 4306486
Blijdensteinlaan 15
BCE-verzekeraars 0182-630983 / fax 0182-631226
Turkse Vrouwen Telefoon 0800 0240027
(voor iedereen bereikbaar)
SOS Telefonische Hulpdienst 0800-0240026
Slachtofferhulp Twente 053 4555555 (074-2429115 / 0546-829217)
Ouderentelefoon 074 250 43 43
Kinder- en jongerentelefoon 0800 0432
Jeugdzorg Perspectief 053 4312146
Stg Maatsch. Dienstverlening 053 4353353
Bureau voor rechtshulp 053 4801919
Stichting Enschede Aannemers 053 4319466
Letselschade informatie 0900 6643825
Vereniging Eigen Huis 033 4507750
Stichting Stedelijk Wonen 053 4343565
Belangenver. Slachtoffers Vuurwerkramp 053 4351638 / Fax. 053 - 431 94 31
Gereformeerd Info Centrum 053 4361409
Oecumenisch Citypastoraat 053 4306190
Leger des Heils 053 4775972
Mediant Nazorg Vuurwerkramp 053 4829982
Stationsplein 3, 1e etage
Vereniging gedupeerde ondernemers 053 4849849 
(vragen naar Raoul van Dongen)
Hengelosestraat 585
Ombudsman IAC, secretariaat 053 4818181
op ma en wo tussen 9.00 en 12.00 uur
Molenplein 1, 7511 EN Enschede
terug naar inhoudsopgave
 

OVERZICHT VORIGE BEWONERS NIEUWSBRIEVEN

terug naar inhoudsopgave
  COLOFON
Uitgave van: Informatie- en Advies Centrum (IAC)
Redactie: Publieksvoorlichting
Telefoon: 053-4845137
Fax: 053-4845084
Email: a.schukkink@enschede.nl
  terug naar inhoudsopgave